Wat een laudatio is
Een laudatio is een eerbetoon aan iemand die nog leeft: je prijst zijn of haar verdiensten en persoonlijkheid voor een publiek, meestal bij prijsuitreikingen, jubilea of afscheidsfeesten. Het woord komt van het Latijnse laudare, ‘prijzen’. Degene die de toespraak houdt, is de laudator; de geëerde persoon heet laureaat. Een lofrede betekent hetzelfde, maar klinkt minder als een raadszaal.
De lofrede is de enige vorm van toespraak waarbij je jezelf volledig op de achtergrond houdt ten gunste van iemand anders. De geëerde persoon staat centraal in de lofrede, het applaus is voor hem of haar bedoeld. Dat is de toetssteen voor elke zin: zet die de persoon in de schijnwerpers of de spreker? Het antwoord van de geëerde persoon op je toespraak is trouwens de dankwoord, een apart format met eigen regels.
De opbouw: verdienste, anekdote, impact
De meest voorkomende fout bij het schrijven van een lofrede: je zou het levensverhaal moeten navertellen. Geboortejaar, opleiding, mijlpalen, het heden. Zo ontstaat er een Wikipedia-artikel met een microfoon. Een stevig hoofdgedeelte bestaat uit drie bouwstenen:
1. De verdienste. Waarvoor wordt de persoon geëerd? Eén zin, concreet: 19 jaar jeugdtraining, 40 nummers van het clubblad, een lezingenreeks met 240 avonden. Wie de bijzondere prestaties in cijfers kan vatten, heeft geen superlatieven nodig.
2. De anekdote. Een verhaal waarin de persoon typisch zichzelf was. Vraag aan medestrijders: „Welke scène schiet je als eerste te binnen?“ De antwoorden zijn bijna altijd beter dan alles wat in oorkonden staat.
3. De impact. Wat zou er zonder deze persoon anders zijn? Op wie heeft hij of zij invloed gehad, wat heeft hij of zij in gang gezet, wat blijft er over? Hier mag de toespraak groots worden, omdat de bewijzen al eerder zijn geleverd.
Daarnaast hoort een inleiding die begint met een scène, en een afsluiting met felicitaties en een directe aanspreking. Inleiding, drie onderdelen, afsluiting: meer structuur heeft een lofrede niet nodig, en elk sjabloon dat meer belooft, levert vooral opvulzinnen op.
De juiste lengte
Vijf tot tien minuten, dus ongeveer 650 tot 1.300 gesproken woorden. Bij officiële evenementen met meerdere lofredenen geldt eerder vijf minuten per toespraak; drie sprekers van elk tien minuten leveren een half uur lof achter elkaar op, dat houdt geen zaal vol. Je mag wat uitgebreider zijn als jouw toespraak het enige programmaonderdeel is vóór de prijsuitreiking.
Gelegenheden: waar lofredenen worden gehouden
Prijsuitreikingen. Cultuurprijs, vrijwilligersprijs, economische prijs: het klassieke terrein. Als de zaal de naam nog niet kent, kun je die als spanningsboog tot het einde bewaren.
Jubilea en ronde verjaardagen. De toespraak voor je collega ter gelegenheid van haar 25-jarig jubileum is een lofrede, net als de eerbetoon aan de oprichter van de vereniging tijdens de feestavond, waarbij zijn inzet voor alle leden wordt gewaardeerd. Voor het feest zelf is er de jubileumtoespraak als apart format.
Afscheid. Pensioen, overdracht van een functie, afscheid van een bestuurspost: hier eren je woorden zowel de professionele successen als de persoon erachter.
Academische eerbewijzen. Eredoctoraat, feestelijk colloquium: meer vakkennis in de zaal, formelere toon, dezelfde drie bouwstenen.
Een lofrede is voor levenden; toespraken over overledenen volgen hun eigen regels, van toon tot opbouw. In het programma van een feestelijke bijeenkomst staat de lofrede meestal in het midden: welkomstwoord en openingsrede komen ervoor, de dankwoord van de laureaat erna.
De voorbereiding van een lofrede
De voorbereiding is onderzoek, het schrijven komt pas daarna. Drie stappen:
Begin bij de mensen. Twee, drie telefoontjes naar oude bekenden leveren de anekdotes op die in geen enkel herdenkingsboek staan. Schrijf letterlijke zinnen op; die zijn later je beste materiaal.
Controleer elk cijfer twee keer. Namen, jaartallen, de juiste naam van de instelling die de prijs uitreikt. Een verkeerd jaar van indiensttreding valt de helft van de feestgangers op, en daar wordt na de viering liever niet over gepraat.
Spreek de kaders af met de organisator. Spreektijd, volgorde, of de geëerde al op de hoogte is van de huldiging. Een verrassingslofrede vraagt om een andere inleiding dan een aangekondigde.
Waar het bij het formuleren om draait
Feiten in plaats van lofzangen. „Uitmuntend“, „uniek“, „onvermoeibaar“: zulke woorden gaan snel voorbij. Een prestatie met cijfers blijft hangen. In plaats van „haar onvermoeibare inzet“ liever „19 jaar, elke dinsdag, elke donderdag“.
Vertel de anekdote als een scène. Met plaats, datum en letterlijke uitspraken. Een samenvatting („Ze stond altijd voor iedereen klaar“) zegt weinig; de scène waarin ze om 23.00 uur nog voetbalshirts strijkte, zegt alles.
Humorus, ja, maar nooit ten koste van de persoon. Liefdevolle details dragen de humor: de legendarische thermoskan, de koppigheid tijdens de bestuursvergadering. De test: zou de geëerde persoon hier zelf om lachen?
Hooguit één citaat. En dan eentje dat aantoonbaar bij de persoon past, het liefst eentje van haarzelf. Het Goethe-citaat als decoratieve opener laat alleen maar zien dat je weinig over de persoon hebt kunnen bedenken.
Spreek de persoon aan het einde rechtstreeks aan. De overgang van ‘zij’ naar ‘jij’ of ‘u’ is het emotionele hoogtepunt: felicitaties, een bedankje, en dan het woord geven aan het applaus.
Blijf respectvol bij gevoelige onderwerpen. Mislukte projecten of crises noem je alleen als de persoon er zelf openlijk over vertelt en er iets goeds uit is voortgekomen.
De meest voorkomende fouten
De cv-presentatie. Chronologie is geen dramaturgie. Wie bij 1987 begint, is bij 1994 de zaal al kwijt.
Lof zonder onderbouwing. Tien bijvoeglijke naamwoorden achter elkaar zeggen minder dan één goed verhaal.
De spreker praat over zichzelf. Twee zinnen over je eigen band met de persoon zijn genoeg. Daarna is elk woord weer van haar.
Insider-toespelingen. Wat alleen de directie begrijpt, verdeelt het publiek in ingewijden en toeschouwers.
Woord voor woord voorlezen. Wie aan het manuscript blijft plakken, verliest oogcontact, gezichtsuitdrukkingen en lichaamstaal. Oefen hardop, markeer alinea’s, kijk op bij anekdotes en de afsluiting. Tegen plankenkoorts helpt tijdens je optreden de gedachte dat deze zaal die persoon wil vieren en je welgezind is.
Twee complete lofredenen, één voor de vrijwilligersprijs voor een jeugdcoach en één voor de cultuurprijs voor een boekhandelaar, vind je met analyse in onze voorbeelden van lofredenen.
Zo maak je je lofrede met eloqole
Je geeft eloqole de aanleiding, de verdienste en twee of drie herinneringen aan de geëerde persoon. Daaruit ontstaat je lofrede in verschillende versies: formeel voor de prijsuitreiking in het stadhuis, onderhoudend voor de feestavond bij de vereniging. Je krijgt een manuscript in spreektaal, precies afgestemd op de afgesproken spreektijd, en je scherpt het zo lang bij tot elke zin helemaal bij jou past.